Programma AFFR 2018

Met trots presenteren wij u de tiende editie van het Architectuur Filmfestival Rotterdam. Wederom heeft onze redactie - bijgestaan door een team van kritische kijkers - een scala aan films over stad en architectuur gescout, geselecteerd en in een prikkelend programma bijeengebracht. Portretten van meer of minder bekende ontwerpers, activistische essays over urgente problemen, hilarische reflecties op lang vervlogen tijden...

Lees meer

Opening Night

Op woensdag 10 oktober start AFFR zijn tiende editie met de Europese première van The Experimental City (Chad Freidrichs, 2017), een verbluffende documentaire over The Minnesota Experimental City, op zoek naar de stad van de toekomst. De film lijkt relevanter dan ooit en sluit perfect aan op het AFFR 2018-thema Building Happiness. Na de film is er een Q &...

Lees meer

Kaartverkoop

Alle informatie voer losse tickets, Festivalpas en 'Architectenweb Best of AFFR'

Lees meer

Building Happiness

Het thema van AFFR 2018 is ‘Building Happiness’. We leven in een tijd van hoogconjunctuur: er wordt weer op grote schaal gebouwd, ontwikkeld en gespeculeerd; klinkende groeicijfers zijn de norm. De toeristenindustrie draait op volle toeren en steden met aansprekende architectuur worden overspoeld door een miljoenenpubliek. Ondertussen groeit het besef dat ons vooruitgangsdenken niet meer is los te zien van...

Lees meer

Informatie

De tiende editie van AFFR vindt plaats van 10 t/m 14 oktober 2018. Na de openingsfilm in een nog nader te bepalen locatie, vindt het festival de andere dagen onderdak in LanterenVenster Rotterdam. Ook dit jaar verwelkomt AFFR tientallen internationale filmmakers en zal het naar verwachting worden bezocht door 7500 liefhebbers van film, stad en architectuur van over de hele wereld.

Lees meer

Film – Stad – Architectuur

AFFR onderzoekt de relatie tussen film, stad en architectuur door het programmeren en vertonen van films en door het organiseren van inleidingen en debat.

Lees meer

Geschiedenis

De stichting Architectuur Filmfestival Rotterdam (AFFR) is opgericht in 2000 en organiseerde dat jaar het eerste architectuur filmfestival ter wereld. Er volgden volwaardige edities in 2001 en 2003. In 2007 maakte AFFR een hernieuwde start en in 2009 breidde het festival flink uit in bezoekersaantallen en programmering.

Lees meer

Organisatie

De mensen achter het festival

Lees meer

Pers

Persinformatie

Lees meer
  • Fondsen, Sponsoring & Partners AFFR wordt mede mogelijk gemaakt door een aantal publieke en private fondsen, door een groeiend aantal sponsoren en door een brede range aan onderwijs-, programma- en mediapartners. Lees meer

Leaning into the Wind: Andy Goldsworthy best gewaardeerde film AFFR 2018

De film 'Leaning into the Wind: Andy Goldsworthy' van de Duitse regisseur Thomas Riedelsheimer is de best beoordeelde film van AFFR 2018. De film behaalde de hoogste gemiddelde score. Na de vertoning van elke film werd het publiek gevraagd om…
Lees meer
Naar festival

Wonen in torenhoge iconen

De zoektocht naar een leefbare inclusieve stad is hot topic. De Europese grootsteden kraken onder de demografische veranderingen, economische problemen en groeiende sociale integratie. De densiteit in steden gaat in stijgende lijn, maar het woonaanbod groeit niet mee. Er heerst een nijpend tekort aan sociale woningbouw. De huidige ruimtemakers zitten met vraagtekens aan de tekentafel. Kan het verleden hier een uitweg bieden voor het heden?

Wonen in torenhoge iconen

door Charlotte Thomas

Het streven naar een maakbare stad is geen eigentijdse problematiek. Een blik in de architectuurgeschiedenis laat zien dat architecten en stedenbouwkundigen al decennialang zoeken naar ‘de oplossing’ voor het gebouwd geluk. De gebouwde omgeving moest bijdragen tot de stedelijke samenleving. Sociale woningbouw was (en is nog steeds) het proefterrein voor nieuwe ontwerpmethodes en opvattingen. De vooruitstrevende manieren van architectuur en stedenbouw van toen resulteerden in unieke woonexperimenten. Het werden iconen van het wonen.

Een paleis voor de arbeider
De Spaarndammerbuurt in Amsterdam huisvest sinds 1919 een icoon van sociale huisvesting tijdens de Amsterdamse Schoolperiode. Het arbeiderspaleis van de hand van Michel de Klerk, in opdracht voor de woningcorporatie Eigen Haard, bracht ‘goed wonen’ binnen het bereik van de minder bevoorrechte klasse. Een tot dan toe ongezien gebeuren. De ideologische overtuiging om de arbeider te verheffen door schoonheid lijkt misschien naïef maar was toen de drijfveer. Men wou door middel van een betere architectuur, een betere mens en dus een betere samenleving creëren. Schoonheid was niet enkel meer voor de elite maar voor iedereen. Het volledige pand getuigt hiervan tot in de kleinste hoeken. Het is een organisch kasteel dat barst van fantasierijke detaillering en subtiliteiten.

De gelijknamige documentaire van Wilma Kuijvenhoven richt zich op de complexe restauratie van Het Schip. Het pand werd met bloed, zweet en tranen in ere hersteld. De originele plannen werden bovengehaald, de ambachtskunde van toen nagestreefd en de ouderdomssporen gewist. Het icoon van de sociale woonhuisvesting is weer authentiek. Maar gaat het nastreven van deze authenticiteit niet ten koste van een bepaalde historische gelaagdheid van een gebouw? De lijn tussen restaureren en imiteren is dun. En waar ligt de grens?

De stralende stad
De documentaire ‘Grandma and Le Corbusier’ van Marjolaine Normier sluit naadloos aan bij deze thematiek. De hoofdrolspeler in dit restauratieverhaal is Le Corbusier’s Unité d’ Habitation (La Cité Radieuse) in Marseille. Dit utopisch ontwerp voor een stadswoning was Le Corbusier’s antwoord op de naoorlogse woningcrisis. Hij doorbrak de traditie van horizontale woningspreiding en ging de lucht in. De verticale tuinstad was geboren. Door zijn hoogbouw op ‘pilotis’ (palen) te plaatsen werd het ruimteverlies minimaal gehouden, kwam er circulatie en gemeenschappelijke tuinruimte onderin. Le Corbusier’s stad in een stad idee oogt misschien wat ambitieus voor de huidige samenleving. Maar toen werd alles te werk gesteld om dit te doen slagen. Sociale interactie tussen de bewoners droeg men hoog in het vaandel. De 18-verdiepingen hoge toren beschikt over 337 duplex-appartementen (op basis van het Modulor-systeem) in functie van kleine gezinnen. Er waren gemeenschappelijke medische faciliteiten, winkels, sportgelegenheden, kinderopvang, … aanwezig om er een autonome stad van te maken. Unité d’ Habitation resulteerde in een uniek functioneel woonexperiment dat de toon zette voor latere woningbouw. Vanaf de jaren ’60 hanteert men hoogbouw als praktische oplossing voor woontekorten. Het moderne sociale gedachtegoed van Le Corbusier werd de rug toegekeerd. De steden handelden naïef. Men ging er van uit dat het wonen in een toren of in een sociale wijk een samenhangend geheel, een gedeelde identiteit zou betekenen voor de bewoners.

Van sociale integratie naar eenzaamheid
Rond de jaren ’70 was de wederopbouwutopie uitgedoofd en goedkope huisvesting zegevierde. Steden duwden hun minder bevoorrechte klasse uit het centrum naar de goedkope stadsrand toe. De overheden dachten toen modern en oplossinggericht te werken maar de concentratie van bepaalde bevolkingslagen in één gebied leek minder vlot te verlopen dan voorzien. De documentaire ‘Rabot’ van Christina Vandekerckhove etaleert hoe het na-oorlogse modernisme in Gent een pijnlijk hoogtepunt bereikte met de bouw van de drie Rabottorens.

De kolossale woontorens naar ontwerp van Jules Trenteseau werden tussen 1972-1974 in rap tempo gerealiseerd. Het project streefde een sociale integratie na met een mix van 840 bewoners verdeeld over 573 sociale appartementen. Op papier een ideologisch vernieuwend idee maar in uitwerking sloeg de bal mis. Iedere toren had maar één inkomhal, met één lift voor 17 verdiepingen. De bewoners voelden zich (verrassend genoeg) onveilig en geïsoleerd. Daarbij kwam kijken dat de Gentse Maatschappij voor de Huisvesting een transformatie kende ten nadele van het voorziene plan. De torens werden ingevuld met eenzame zielen als bejaarden, alleenstaanden en allochtone uitkeringsgerechtigde gezinnen ter vervanging van jonge gezinnen en arbeiders. De culturele en demografische verschuivingen zorgden voor sociale overlast en samenlevingsproblemen in de buurt. De Rabottorens misten hun doel. Wat ooit een modelwijk voor het moderne (arbeiders)gezin moest worden, werd nu een afgesloten buurt met criminaliteit. De heldere beelden van Christina Vandekerckhove geven deze kilheid, eenzaamheid en troosteloosheid van het leven in de torens pijnlijk weer.

Gemiste kans
De problematische sociale huisvesting van de Rabottorens werd drastisch aangepakt. Het is geen succesverhaal als Het Schip of Unité d’ Habitation. De torens waren uitgeleefd en voldeden niet meer aan de comforteisen. De houdbaarheidsdatum was verlopen. Een oppervlakkige restauratie bood geen oplossing en de infrastructurele tekortkomingen moesten grondig aangepakt worden. Het herverdelen in verschillende functies als normale, sociale woningen en kantoorruimtes leek niet haalbaar. Slopen bleek de enige uitweg. Maar is dit wat te kort door de bocht? Een te drastische keuze geweest? De torenhoge iconen maakten een deel uit van het beeld van Gent. Onze hedendaagse visie van een maakbare stad ziet sociale woningbouw in een bredere zin, men staat stil bij herbestemmingen en neemt de woonomgeving in acht voor een duurzame langetermijnvisie. Het vakgebied van de sociale woningbouw moet een proefterrein blijven voor gedurfde nieuwe visies over de leefbaarheid in de stad. De hedendaagse ruimtedenkers mogen in mijn ogen best radicalere opvattingen realiseren.

Kijk en leer uit het verleden en creëer in het heden.
Want iconen zijn er om in te wonen.

Lees meer over de documentaires

film • stad • architectuur 9 - 13 okt. 2019
Ja, ik accepteer cookies

AFFR gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën (cookies) onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. 
Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.

Cookies van derde partijen maken daarnaast mogelijk dat u informatie kunt delen via social media zoals Twitter en Facebook. Meer informatie hierover vindt u in ons cookie-statement.